Technologie evolueert snel. Zelfrijdende bussen zijn geen verre toekomstmuziek die je alleen nog maar in de VS of in China hoort, benadrukt Schoubs. “In Leuven loopt al een pilootproject met twee bussen. Die leren volop rijden in een complexe omgeving. Een universiteitsaula die leegloopt, dat wil zeggen dat er honderden voetgangers en fietsers tegelijk de straat op komen. De algoritmes om daarmee om te gaan, verbeteren continu. De doorbraak van autonoom vervoer komt er, daar ben ik van overtuigd. Misschien al binnen vijf jaar, misschien binnen tien jaar.”
“Wil dat zeggen dat onze chauffeurs allemaal overbodig worden? Nee, tuurlijk niet. Ze zullen wel een andere rol krijgen. Dispatching wordt nog belangrijker. Er zullen stewards nodig zijn om passagiers te helpen en te gidsen. Dat is vandaag moeilijker voor onze chauffeurs, zeker op drukke lijnen. Het is een interessante paradox: hoe geavanceerder de technologie, hoe meer ruimte die creëert voor echt menselijk contact.”
Over het muurtje kijken en co-creëren
Schoubs koppelt zelfrijdende bussen aan de evolutie naar vraaggestuurd flexvervoer. “Die evolutie is onvermijdelijk. Iedereen weet dat de ruimtelijk ordening in Vlaanderen onze opdracht extra complex maakt. Nu goed, die ruimtelijke ordening is wat ze is. Het maakt wel dat we goed moeten nadenken hoe we ons openbaar vervoer organiseren. Een buschauffeur die 100 mensen vervoert of een buschauffeur die 3 mensen vervoert, dat scheelt enorm in kostenefficiëntie. Wij werken met publieke middelen, die moeten we zo slim mogelijk inzetten.”
“Wie afgelegen woont, kan geen bushalte voor de deur verwachten. Daar zijn andere oplossingen nodig. In 2024 hebben we op plekken met minder dichte bewoning de omslag gemaakt, van het klassieke vaste aanbod naar flexibel vervoer op vraag. Daar zijn heel wat reacties op gekomen. We merken dat mensen die mental shift nog moeten maken: geen dienstschema meer raadplegen, maar nadenken wanneer ze vervoer nodig hebben en dat reserveren. Met kleine bussen kunnen we mensen die afgelegen wonen naar de grote corridors brengen. Ik zie in die eerste laag in de toekomst een belangrijke rol voor autonoom vervoer.”
“Er is vooral meer samenwerking nodig dan vandaag. Een voorbeeld: de opmars van elektrische fietsen heeft voor een omwenteling gezorgd in de first mile en de last mile. Maar nog niet overal zijn veilige fietsenstallingen. Daar kunnen wij vaak zelf weinig aan doen, we rekenen daar ook op de wegbeheerders: steden en gemeenten of het Agentschap Wegen en Verkeer. Maar het is wel een essentiële schakel in de hele mobiliteitsketting. Al die schakels moeten we beter op elkaar afstemmen.”
“Dankzij een organisatie als The Shift kunnen we over het muurtje kijken, naar andere bedrijven en naar andere sectoren. Voor de autonome bussen werken we samen met een externe partner: zij hebben de technologie, wij de ervaring op het terrein en de schaal om innovatie uit te testen en breed uit te rollen. Co-creatie en partnerships zijn de toekomst van duurzaamheid.”